| 1. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 2. | Verwijder de onderafdekking aan de bestuurderszijde. |
| 3. | Verwijder de relaishouder (A) vanuit de zekering-/relaiskast onder het dashboard en verwijder het PGM-FI hoofdrelais 2 (blauw) (B) uit de relaishouder (A), monteer daarna de relaishouder (A) weer in de zekering-/relaiskast onder het dashboard.
|
| 4. | Zet de contactschakelaar AAN (II). |
| 5. | Meet de spanning tussen aansluiting Nr. 3 van de 5-pins stekker van het PGM-FI-hoofdrelais 2 en de carrosseriemassa.
Is er accuspanning? JA - Ga naar 6. NEE - Repareer de breuk in de kabel tussen PGM-FI-hoofdrelais 1 en PGM-FI-hoofdrelais 2.n |
| 6. | Meet de spanning tussen aansluiting Nr. 1 van de 5-pins stekker van het PGM-FI-hoofdrelais 2 en de carrosseriemassa.
Is er accuspanning? JA - Ga naar 7. NEE - Repareer de breuk in de draad tussen het zekeringen-/relaiskastje onder het dashboard en PGM-FI-hoofd- relais 2.n |
| 7. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 8. | Verbind aansluiting 5 van de 5-pins stekker van PGM-FI-hoofdrelais 2 met de carrosseriemassa met behulp van een hulpdraad.
|
| 9. | Wacht 10 seconden. |
| 10. | Sluit de ECM testkabelboom en de testpinkast aan tussen de ECM en stekkers. |
| 11. | Controleer op doorverbinding tussen aansluiting nr. 89 van de testpinkast en de carrosseriemassa. Is er doorverbinding? JA - Ga naar 12. NEE - Repareer de breuk in de draad tussen het PGM-FI hoofdrelais 2 en ECM-stekker nr. 4 aansluiting nr. 8 (aansluiting nr. 89 van testpinkast).n |
| 12. | Bouw het PGM-FI-hoofdrelais 2 weer in. |
| 13. | Zet de contactschakelaar AAN (II). |
| 14. | Meet de spanning tussen aansluiting nr. 89 van de testpinkast en de carrosseriemassa. Is er accuspanning? JA - Ga naar 15. NEE - Vervang PGM-FI-hoofdrelais 2.n |
| 15. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 16. | Zet de contactschakelaar in de stand AAN (II) en meet de spanning tussen testpinkastaansluiting nr. 89 en de carrosseriemassa. Is er accuspanning? JA - Vervangen door een ECM waarvan u zeker weet dat deze goed is en nogmaals controleren. Als de storing niet terugkeert, de oorspronkelijke ECM vervangen.n NEE - Ga naar 17. |
| 17. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 18. | Verwijder het toegangspaneel van de vloer. |
| 19. | Meet de spanning tussen aansluiting Nr. 5 van de 5-pins stekker van de brandstofpomp en de carrosseriemassa, binnen 2 seconden nadat de contactschakelaar was ingeschakeld (AAN, II).
Is er accuspanning? JA - Ga naar 26. NEE - Ga naar 20. |
| 20. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 21. | Verwijder de onderafdekking aan de bestuurderszijde. |
| 22. | Verwijder de relaishouder (A) vanuit de zekering-/relaiskast onder het dashboard en verwijder het PGM-FI hoofdrelais 2 (blauw) (B) uit de relaishouder (A), monteer daarna de relaishouder (A) weer in de zekering-/relaiskast onder het dashboard.
|
| 23. | Verbind aansluitingen 1 en 2 van de 5-pins stekker van het PGM-FI-hoofdrelais 2 met behulp van een hulpdraad.
|
| 24. | Zet de contactschakelaar AAN (II). |
| 25. | Meet de spanning tussen aansluiting Nr. 5 van de 5-pins stekker van de brandstofpomp en de carrosseriemassa, binnen 2 seconden nadat de contactschakelaar was ingeschakeld (AAN, II).
Is er accuspanning? JA - Vervang PGM-FI-hoofdrelais 2.n NEE - Draadbreuk repareren in de draad tussen het PGM-FI hoofdrelais 2 en de 5-pins stekker van de brandstofpomp.n |
| 26. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 27. | Controleer op doorverbinding tussen aansluiting nr. 4 van de 5-pins stekker van de brandstofpomp en de carrosseriemassa.
Is er doorverbinding? JA - De brandstofpomp vervangen.n NEE - Repareer de draadbreuk in de draad tussen de 5-pins stekker van de brandstofpomp en G402.n |