Vervangen van achterklepvergrendeling

OPMERKING: Bescherm uw handen met handschoenen.

Met veiligheidsschakelaar


1.Verwijder het onderste afwerkpaneel van de achterklep.

2.Maak de achterklepopeningskabel los van de achterklephandgreep.

3.Maak de cilinderstang los van de slotcilinder van de achterklep.

4.Maak de stekker (A) van de schakelaar van de achterklepgrendel en de stekkers (B) van de aandrijving van de achterklep los, en maak de stekker van de schakelaar van de achterklepgrendel los van de achterklep.

 

5.Verwijder de bouten, trek de achterklepgrendel (C) weg, en verwijder hem vervolgens.

6.Verwijder, indien nodig, de schroeven, en verwijder vervolgens de afdekking (A) van de grendel (B), en maak de achterklepopeningskabel (C) los van de grendel.

 

7.Monteer de grendel in omgekeerde volgorde van het uitbouwen en let daarbij op het volgende:

  • Controleer of elke stekker goed is ingestoken, en de kabel is goed verbonden.
  • Zorg dat de achterklep goed opent en sluit.

Zonder veiligheidsschakelaar


1.Verwijder het onderste afwerkpaneel van de achterklep.

2.Maak de achterklepopeningskabel (A), de cilinderstang (B), de stekker (C) van de aandrijving van de achterklep, en de stekker van de schakelaar van de achterklepgrendel (D) los, en maak de stekker van de schakelaar van de achterklepgrendel los van de acht

 

3.Verwijder de bouten, trek de achterklepgrendel (E) weg, en verwijder hem vervolgens.

4.Monteer de grendel in omgekeerde volgorde van het uitbouwen en let daarbij op het volgende:

  • Controleer of elke stekker goed is ingestoken, en of de stang en kabel goed zijn verbonden.
  • Zorg dat de achterklep goed opent en sluit.