| 1. | Controleer zekering nr. 22 (7,5 A) in het zekering-/relaiskastje onder het dashboard. Is de zekering in orde? JA - Ga naar 2. NEE - Vervang de zekering en controleer opnieuw.n |
| 2. | Maak de stekker A (12-pins) van de klimaatregeleenheid los. |
| 3. | Zet de contactschakelaar AAN (II). |
| 4. | Meet de spanning tussen aansluiting nr. 1 van stekker A (12P) van klimaatregeleenheid en carrosseriemassa.
Is er accuspanning? JA - Ga naar 5. NEE - Repareer onderbreking in de bedrading tussen Nr. 22 zekering in de zekeringkast onder het dashboard en de klimaatregeling.n |
| 5. | Zet de contactschakelaar UIT. |
| 6. | Controleer de doorverbinding tussen aansluiting nr. 6 van stekker A (12-pins) van de klimaatregeling en carrosseriemassa.
Is er doorverbinding? JA - Controleer op losse draden en slechte verbindingen bij stekker A (12-pins) van de klimaatregeling. Als de verbindingen goed zijn, vervangen door een beslist goed klimaatregeling en opnieuw controleren. Als de storing niet terugkeert, dient de oorspronkelijke klimaatregeleenheid te worden vervangen.n NEE - Controleer op onderbreking in de draad tussen de klimaatregeleenheid en de carrosseriemassa. Als de draad in orde is, controleren op slechte massa bij G402.n |